Björn Oranen, verzekeringsarts in opleiding

'Je bent echt aan het dokteren. Niet met pillen of operaties, maar met levensbegeleiding' 

'Al van jongs af aan droomde ik ervan chirurg te worden. Als het je dan ook nog gegeven is die droom te realiseren, dan is dat heel mooi. Chirurgie is een prachtig vak. Spannend ook. Het is eigenlijk geen beroep, maar een way of life. Met alle positieve en negatieve aspecten die daarbij horen. Het gaat vaak letterlijk over leven en dood, dus je doet zinvol werk. Maar het is ook een fysiek zwaar vak. En claimend. Vrije tijd of ruimte voor andere ambities in het leven? Die is beperkt. Maar je groeit in je werk en je geniet ervan.' 

'Natuurlijk dacht ik weleens na over de toekomst. Vanwege de intensiteit van het vak, zou ik dat niet tot mijn 67ste kunnen en willen uitvoeren. Wat de vervolgstap zou zijn, dat was nog niet uitgekristalliseerd, maar zo ver was het immers nog lang niet. Totdat ik ziek werd. 

'Lichaam zei ‘stop’

Ik kreeg de ziekte van Lyme. Een van de verschijnselen daarvan is een totaal gebrek aan energie. Waar ik in het begin gewoon doorgebuffeld heb, trapte mijn lichaam steeds harder op de rem. Het herstel duurde lang. Te lang. Ik besloot dan ook te stoppen als vaatchirurg en uit de maatschap te stappen. Het plan om ‘op termijn’ iets anders te gaan doen, werd nu dus naar voren getrokken. 

Relevante opdracht, waardevolle organisatie

Een kennis die arbeidsdeskundige is bij UWV attendeerde mij op Verzekeringsgeneeskunde. Daar had ik mij niet eerder een voorstelling van gemaakt. Ik realiseerde me wel dat de opdracht van het UWV een maatschappelijk relevante is. Om die reden ben ik me erin gaan verdiepen en kreeg daarbij de mogelijkheid een dag mee te lopen. Tijdens die dag ontmoette ik artsen die stuk voor stuk bewust gekozen hadden voor dit vak en met veel enthousiasme over hun werk spraken. UWV bleek volstrekt niet die ‘stoffige’ organisatie te zijn zoals mensen het weleens duiden. Een positieve vaststelling. Ik besloot ervoor te gaan, ik zag me er wel in functioneren. 

Anders dokteren

Verzekeringsgeneeskunde is een breed vak waarbij je ook veel patiënten – bij UWV ‘klanten’ genaamd – met psychische klachten ziet, je werkt daarom veel meer holistisch. Zo komt het geregeld voor dat je weer de boeken in moet duiken. Je inlezen in een bepaalde klacht of ziekte. Overleggen met collega’s over zaken waar je als medisch specialist geen kennis van hebt. 

Tijdens het spreekuur komt iemands hele leven voorbij. Goed luisteren, ook dingen horen die niet letterlijk gezegd worden, je een beeld vormen; juist de sociale context is daarbij belangrijk. Vervolgens inventariseer je samen met de klant: hoe ga je invulling geven aan je toekomst? Je bent echt aan het dokteren; zonder pillen of operaties weliswaar, maar met levensbegeleiding ‘op maat’. 

Heeft de één bij wijze van spreken een schop onder z’n kont nodig, de ander heeft juist meer baat bij coaching. Dat ben ik ontzettend leuk gaan vinden.

Nieuwe ervaring

In dit vak draag je overigens niet uitsluitend verantwoordelijkheid voor de belangen van degene tegenover je. Een verzekeringsgeneeskundige beoordeling leidt ook niet altijd tot de uitkomst die de klant wenst. Je hebt ook te maken met een verzekerings- en maatschappelijk belang. Ik zie het als een inspanningsverplichting bij te dragen aan een rechtvaardige en doelmatige inzet van collectieve middelen. In die zin verschilt je rol wel enigszins ten opzichte van die in de curatieve sector. De ‘sport’ van dit vak zit hem voor mij in het optimaal ondersteunen van een klant binnen de kaders van wet- en regelgeving. Een (tijdelijke) uitkering toekennen is daarbij een van de instrumenten, maar de basis bestaat naar mijn overtuiging uit een goede beoordeling en een goed advies. Dat vraagt nieuwe ervaring. 

Levensfase

De keuze voor het vak Verzekeringsgeneeskunde had ik niet gemaakt aan het begin van mijn carrière, maar in deze fase van mijn leven vind ik het juist fíjn de breedte in te gaan. Het past nu bij me. De mensen die ik spreek, hebben een ziekte of gebrek, verkeren in een omstandigheid waardoor ze hun werk niet kunnen doen. Dat is erg. Dat weet ik nu ook uit eigen ervaring. Het is slecht voor iemands kwaliteit van leven en slecht voor iemands gezondheid. Voor die mensen kun je dus iets betekenen. 

Ieders visie draagt bij

In vergelijking met het ziekenhuis is hier meer ruimte voor ontspannenheid en discussie. Daarbij is het vak bij uitstek multidisciplinair. Je werkt samen met medewerkers verzuimbeheersing, sociaal medisch verpleegkundigen, reïntegratiebegeleiders en arbeidsdeskundigen. Iedereen brengt zijn visie in op een casus en draagt zo bij aan de kwaliteit van beoordeling en advies. Het gaat hier evenwel niet om leven en dood, maar wel om beslissingen die ertoe doen.'

Goed leven

'Af en toe mis ik de dynamiek van het ziekenhuis, maar… c’est la vie, mensen kunnen nu eenmaal ziek worden en dan moet je er vervolgens weer het beste van maken. Focussen op de mogelijkheden in plaats van de beperkingen. Onder het motto ‘practice what you preach’ heb ik nu een mooi alternatief: ik blijf namelijk vakinhoudelijk aan de slag maar met de mogelijkheid mijn werk beter te combineren met een privéleven. Er is meer tijd voor familie, vrienden en mijn grote passie jagen. Elk weekend vrij zijn én elke nacht lekker kunnen slapen. Ja, er is nu meer tijd voor een leven naast het werk.'