Noël L'Espoir, verzekeringsarts en praktijkopleider

‘Tussen de regels door luisteren en bandjes leeg laten lopen’ 

Noël L’Espoir, met een enorme schat aan ervaring, begeleidt verzekeringsartsen in opleiding. ‘Niets zo mooi om je kennis en ervaring over te dragen op de jongere generatie.’

‘De opleiding “specialisme arbeid en gezondheid-verzekeringsgeneeskunde” duurt 4 jaar. Pittig, maar het is vooral “training on the job”; bij een fulltime baan, studeer je één dag per week. De studie is opgebouwd uit overzichtelijke modules, waarin steeds een onderwerp centraal staat. Sociale verzekeringen en onze wettelijke kaders horen daar uiteraard bij, maar daarnaast is er aandacht voor bijvoorbeeld beoordelingsmethodieken, argumenteren, verzuimpreventie, evidence based werken en ethiek. Naast de theorie, voer je ook praktijkopdrachten uit.’

Lerende opleider

‘Vanaf de start van de opleiding krijgt elke arts in opleiding een praktijkopleider; zijn vraagbaak, mentor en begeleider. Waar je in het begin nog meeloopt met spreekuren, is dat in een later stadium vooral sparren en evalueren: wat is je oordeel over de belastbaarheid en op grond van welke aandoening(en), hoe verliep het gesprek, waar liep je tegenaan, twijfel je ergens over? In een open en vertrouwde omgeving leer je. Overigens is dat een wisselwerking; ook ík leer van de arts in opleiding door zijn zienswijzen en feedback. Openstaan, dat is belangrijk.’

Breed perspectief

‘Dit vak vraagt wat van je communicatieve vaardigheden. De nuance zit immers vaak in de communicatie. Iedereen die hier binnenkomt, is gespannen. Het is aan jou om iemand op z’n gemak stellen of eventuele negatieve ervaringen met het UWV bespreekbaar maken. “De bandjes leeg laten lopen” noem ik dat altijd. Want dan ontstaat pas een goed gesprek. De mens tegenover je is immers meer dan zijn aandoening. Die klacht beïnvloedt zijn hele leven, je kijkt in een veel breder perspectief. Daar krijg je alle ruimte en tijd voor. Vaak is het een uitdaging: hoe ga ik dit aanpakken? Hoe krijg ik deze man of vrouw weer - naar mogelijkheid - in goede doen? Onze taak is beoordelen, maar ik wil hen vooral ook een zetje in de goede richting geven. Soms moet je ook minder goed nieuws brengen. Zo moest ik een cliënt vertellen dat hij geen uitkering kreeg. Erg vervelend. Toch bedankte hij mij aan het eind voor het fijne gesprek. Dat was voor mij een groot compliment.’ 

Je moet durven

‘We hebben een prachtig vak! Je moet wel moeilijke beslissingen durven nemen en kunnen communiceren. Wat ook belangrijk is, is tussen de regels door luisteren, ook horen wat er niet wordt gezegd…. Is dat niet je sterkste kant, dan is het een lastig vak.’

Paardenkrachten en snelheid, daar gaat Noëls hart sneller van kloppen. Vier wielen of twee wielen, auto of motor, als het maar hard gaat. Daarnaast geniet Noël van voetbal. Nee, niet meer zelf als actief voetballer, maar als supporter van zijn zonen.